Als ik toch eens briljante achterflappen zou kunnen schrijven

Ik stond in een boekhandel aan zo’n non-fictie tafel en las een paar achterflappen. Al die boeken blijken geschreven door publicisten. Ineens vroeg ik me af: een publicist, wat is dat eigenlijk? Het woord geeft alleen aan dat wat je schrijft ook wordt gedrukt en verspreid, verder niets. Doorgaan met het lezen van “Als ik toch eens briljante achterflappen zou kunnen schrijven”

De tekst larderen tot hij mals en sappig is.

Vandaag herschreef ik de synopsis van ‘Onze loodgieter’.  Ik denk dat het zeker de tiende keer was dat ik de tekst onder handen nam. Ik dacht eigenlijk dat hij wel af was, maar dat bleek niet zo te zijn. En aan de inhoud is deze keer ook niet veel gewijzigd. Het oordeel van mijn geliefde redacteur, corrector, proeflezer en echtgenoot ging namelijk over de toon. De synopsis geeft niet hetzelfde gevoel als het boek. Hij is te droog. Hij is niet leuk om te lezen. Doorgaan met het lezen van “De tekst larderen tot hij mals en sappig is.”

Na een jaar kelder is de hoofdkaas gerijpt

Het is heel gezond om een tekst even weg te leggen. Voor een column of een briefje is een uur soms al voldoende. Bij een roman zou ik zeker drie maanden aanbevelen en als je het op kunt brengen is een jaar een mooie tijdsduur. Daarna kijk je er met nieuwe ogen naar en ben je in staat om kritisch te zijn op je eigen werk. Doorgaan met het lezen van “Na een jaar kelder is de hoofdkaas gerijpt”

Een achterflap is geen synopsis

Nee, een achterflap is geen synopsis, anders zou je na het lezen van de achterflap precies weten hoe het boek afloopt. Spijtig voor veel romans. Dodelijk voor een who-done-it. Andersom is het minder vanzelfsprekend. De meeste synopsissen die ik heb gelezen, en zeker die ik zelf heb geschreven, missen de belangrijkste plotinformatie, of beschrijven het einde slechts in verhullende termen. In dit stadium van het schrijven komt dat door mijn schroom om mezelf ergens op vast te leggen. Of het is omdat ik het eenvoudigweg nog niet precies weet. Er zijn schrijvers die beginnen met een einde te bedenken, maar ik heb altijd vooral ideeën voor het begin.

Als een manuscript eenmaal af is, wordt de synopsis niet altijd beter. Dan speelt denk ik vaak de angst mee om teveel weg te geven. Je verklapt altijd wel iets waarvan je eigenlijk zou willen dat de lezer, ook als dat een uitgever, redacteur of regisseur of wie dan ook is, het voor het eerst rechtstreeks uit de tekst ervaart. Die eerste, pure leeservaring wil je niemand ontzeggen. En je wilt als schrijver dat de tekst voor zichzelf spreekt. Dat je hem niet in een samenvatting moet gaan uitleggen.

Vanwege alle bovengenoemde, slechte, argumenten heb ik dus een soort achterflap geschreven die ik nu met een stalen gezicht en innemende glimlach als synopsis aan jullie presenteer. Ik hoop dat niemand het in de gaten heeft.

Synopsis
Alex raakt na zijn studie geschiedenis werkloos. Omdat hij niet lang thuis wil zitten, neemt hij de eerste baan aan die hij kan krijgen en gaat aan de slag bij het callcenter van een bank. Terwijl Alex gestaag carrière maakt, neemt onder klanten het wantrouwen naar banken toe en krijgen callcenters een steeds slechtere naam. Dhr Jansen uit Ommen is een klant die al zijn spaargeld riskeert met beleggen. Hij voelt zich de speelbal van de financiële markten en het slachtoffer van een onmenselijk bankinstituut. Meermalen kruisen de paden van ´selfmade´ bankman Alex en slachtoffer-klant dhr Jansen. In een laatste, cruciale ontmoeting staan zij lijnrecht tegenover elkaar. En als zij elkaars idealen en overtuigingen op de proef stellen blijkt dat hun rivaliteit veel fundamenteler is dan een dispuut over geld en bankzaken.